Concarneau in Bretagne
contact
Contacteer ons
  • sturen
    wij bellen u terug
  • telefoon : +33 2 98 56 14 44
    Fax : +33 2 98 56 18 67
    E-mail : sunelia@latlantique.fr
Contacteer ons
  • telefoon : +33 2 98 56 14 44
    Fax : +33 2 98 56 18 67
    E-mail : sunelia@latlantique.fr
  • sturen
    wij bellen u terug

Concarneau :Kunst en Geschiedenis

Concarneau en zijn ommuurde binnenstad: stad van kunst en geschiedenis

kustwandeling

De stad is al snel bezocht. Twee uurtjes zijn voldoende om in de binnenstad en op de ringmuur te wandelen. Daarna kun je genieten van een wandeling langs de kust en rond de haven. Vergeet het “musée de la mer” (museum van de zee) niet! Verder is er in Concarneau genoeg te doen, van watersport tot zwemmen aan een fijn zandstrand!

de binnenstad in

350 meter lang en 100 meter breed: groter is dit eilandje niet. Rond de 4e eeuw werden gelovigen aangetrokken door de wilde schoonheid van de plaats en bouwden ze een kerk op het toen onbewoonde eiland dat vandaag de “Ville Close” van Concarneau is. Omdat geen enkel ander dorp zo gunstig lag voor defensie, vestigde zich er een garnizoen. Daarna kwamen de handelaren.
Concarneau: een zomerdag in de binnenstad / De binnenstad van Concarneau heeft zijn ringmuren, gebouwd tijdens de 14e en 15e eeuw, behouden. Du Guesclin werd er beroemd door de Engelsen, die zich daar hadden verschuild, te verdrijven. Tijdens de heilige oorlogen lukte het de calvinisten om het fort te veroveren, maar de Koninklijke troepen verjaagden ze en in het voorjaar van 1594 kreeg Henri IV de sleutels van de stad terug. Onder orders van Lodewijk XIV heeft Vauban er aanzienlijke werkzaamheden verricht. Hij bouwde platformen voor artillerie, torens, en bouwde er aan de westkant van het eiland een soort kasteel dat sinds 300 jaar over de binnenstad waakt.

winkelstraatje van de binnenstad

In de rue Vauban, hoofdstraat van het fort, vind je bretonse souvenirwinkels en allerlei restaurants. Of heb je liever een ijsje?

veerpont naar de binnenstad

Sinds de Middeleeuwen zorgt een veerman voor het heen-en weerreizen tussen de binnenstad en de wijk Lanriec, aan de andere kant van de vaargeul. De oudste getuigenissen dateren uit 1678 toen de abdij van Landévennec de eigenaar was. Deze service, die eeuwenlang privé was, is sinds 1976 door de gemeente beheerd en is de verantwoordelijkheid van de jachthaven. De veerpont is dus dat kleine bootje waarmee je tussen Lanriec en de binnenstad de ingang van de haven kan oversteken zonder te moeten omrijden (of omlopen) via de Moros brug, of het droogdok als je via de vissershaven gaat. Heel interessant dus om snel de stad in te gaan en leuk voor toeristen. Deze 200 meter korte oversteek wordt ook wel “de kortste cruise van de wereld” genoemd: het duurt maar 5 minuten.

een kijkje op de jachthaven 

In een historisch kader, met de rug naar de ringmuren van de binnenstad verwelkomt de jachthaven van Concarneau meer dan 20000 pleziervaarders per jaar. Dankzij een complete bebakening is het eenvoudig toegankelijk zowel overdag als s’ nachts, het is vooral bijzonder door het feit dat het midden in de stad ligt. Dat geeft haar een unieke aantrekkelijkheid en maakt het mogelijk om snel de winkels te bezoeken.

een kijkje op de vissershaven

Bijna midden in de stad ligt de vissershaven van Concarneau die een perfecte harmonie aantoont tussen eeuwenoude technieken en moderniteit. De economische groei van Concarneau is altijd aan de zee vastgebonden. Al vanaf de 17e eeuw importeerde men er hout uit Noorwegen, zout van Guérande, wijn en brandewijn uit de Charente en Bordeaux tegen sardientjes en graan. De sardien-crisis, die ontstond door de afwezigheid van sardientjes in de zee, dwong men om naar iets anders te gaan vissen: witte tonijn. Trawlers gaan hedendaags tot aan het noorden van Schotland vissen terwijl de tonijnvissersboten in de Seychellen en de Golf van Guinée te werk gaan. Tegenwoordig is Concarneau de derde vissershaven van Frankrijk en de eerste van Europa wat tonijn betreft.

centrum van de binnenstad 

Het pleintje achter het huis van de gouverneur is tegenwoordig bedekt met een granieten betonvloer, dat uit de Morbihan komt terwijl het Saint-Guénolé plein, midden in de binnenstad, haar schoonheid van vroeger heeft teruggevonden dankzij de vele renovaties aan de elegante voorgevels met granietstenen.
voorbehoud